Pols – Handklachten
De pols en hand is een complex gedeelte van het lichaam van onder andere botten, spieren, pezen, banden, gewrichten, zenuwen en huid. Deze elementen werken nauwkeurig samen om met uiterste precisie of met grote kracht u handen kunt bewegen. Klachten aan de pols of hand zijn niet alleen pijnlijk, maar kunnen ook voor grote beperkingen zorgen in het dagelijks leven. De therapeut zorgt samen met u dat u uw pols en hand zo snel mogelijk weer functioneel kunt gebruiken.  

Klachten aan de hand en pols kunnen het gevolg zijn van een ongeluk, overbelasting, artrose, reuma of luxatie. Andere redenen voor klachten zijn een operatie, een breuk, een triggerfinger of een carpaal tunnelsyndroom:

  • Artrose zorgt ervoor dat uw vingers vaak stijf zijn, vooral in de ochtend. U kunt uw vingers moeilijk bewegen, er kan zwelling ontstaan of u merkt dat u hand minder sterk is. Hierdoor kan het pijnlijk zijn om een kopje koffie op te pakken, een doekje uit te wringen of een pagina om te slaan.
  • Een val die wordt opgevangen met de handen kan een kneuzing of botbreuk veroorzaken. Daarnaast is een ski-duim of een blessure van een balsport zoals volley- of handbal een vaak voorkomende klacht. Bij een kneuzing ervaart u pijn rondom een gewricht en ontstaat er een zwelling. Een kneuzing en de behandeling van een breuk (bijvoorbeeld gips of een operatie) zijn van invloed op het functioneren van de hand en pols. Zo kan uw hand stijf worden of kracht verliezen. Therapie is vaak hard nodig na operaties aan de hand en pols, zoals operaties na: peesletsel, breuken aan de hand of vinger, dupuytren en/of trigger finger.
  • Een peesontsteking is vaak een overbelasting door een herhalende beweging. Een peesontsteking geeft een stekende pijn. Bij de ziekte van Quervain uit zich dit in de duim. Ook een zogenaamde triggervinger wordt veroorzaakt door een peesontsteking. Bij een triggervinger kunt u uw vingers niet soepel bewegen, het kootje lijkt vast te zitten. Buigen en strekken gaat moeilijk en gaat vaak gepaard met stekende pijn.
  • Bij het Carpaal Tunnel Syndroom (CTS) krijgen zenuwen in de onderkant van de handpalm te weinig ruimte. Ze zitten als het ware knel in een tunnel in de pols. Dit kan veroorzaakt worden door hormonen, ouderdom of na een polsbreuk. Een gevolg hiervan is een tintelend gevoel in uw wijs- of middelvinger of duim. Na verloop van tijd heeft u mogelijk minder kracht in de hand. Veel mensen met CTS hebben het gevoel ’s nachts te moeten wapperen met hun handen om de tintelingen te verminderen.

Onze therapeuten inventariseren uw klachten tijdens een intakegesprek en stellen samen met u een aantal doelstellingen op. De therapie kan bestaan uit: wondverzorging, littekenbehandeling, mobiliseren, oefentherapie en functionele training. Ook krijgt u vaak oefeningen voor thuis.