Elleboogklachten
De elleboog wordt ook wel een scharniergewricht genoemd. Het is de verbinding tussen boven- en onderarm en het stelt ons in staat om vier bewegingen te maken: buigen en strekken van de arm en het naar binnen en buiten draaien van de onderarm en hand. Hierdoor kunnen wij onder andere een slot open maken, een schroef aandraaien of eten naar onze mond brengen.
Elleboogklachten komen het meest voor in de leeftijd van 35-55 jaar. Het vaakst heeft men last van een tenniselleboog. Er is dan sprake van een overbelasting van de spierpezen. In tegenstelling tot het heup- en kniegewricht komt slijtage (artrose) van de elleboog minder voor. Een breuk in het ellebooggewricht kan echter tot blijvend functieverlies leiden en de kans op artrose vergroten.
Indien er sprake is van bovengenoemde aandoeningen, een bewegingsbeperking, een afgenomen spierfunctie of verkeerd belasten van het gewricht kan fysiotherapie helpen.

Voordat bepaald wordt welke behandeling voor de elleboogklacht gebruikt wordt is het van belang te weten wat de oorzaak van de klachten is. Veel voorkomende elleboogklachten zijn:

  • Een tenniselleboog (epicondylitis lateralis) is een veel voorkomende klacht waarbij pijn aan de buitenkant van de elleboog optreedt. De oorzaak is het veelvuldig aanspannen van de onderarm spieren wat overbelasting veroorzaakt. Meestal is dit het herhalen van dezelfde polsbewegingen, waardoor er langdurige trekbelasting op het peesweefsel van de elleboog komt. Denk hierbij aan schilderen, computerwerk, tuinieren of werken met een schroevendraaier. Slechts een klein deel van de mensen met een tenniselleboog, tennist ook.
  • De golferselleboog (epicondylitis medialis) is net als de tenniselleboog een blessure die ontstaat door overbelasting en een zeurende of stekende pijn geeft aan de binnenzijde van de elleboog. De pijn wordt veroorzaakt door overbelasting van de buigspieren of door activiteiten waarbij een grote knijpkracht nodig is. Denk hierbij aan het werken met gereedschap of sportactiviteiten zoals klimmen.
  • Een gebroken elleboog wordt in het gips gezet als de botstukken nog in de juiste positie liggen om aan elkaar te groeien. Wanneer de botstukken te ver uit elkaar liggen of in een verkeerde positie staan is een operatie nodig. Als het gips is verwijderd is de elleboog stijf en uw arm zwak, zeker na een operatie. Hierna kunt u samen met de fysiotherapeut direct aan de slag om de mobiliteit en kracht in uw elleboog te trainen.

De meeste personen met elleboogletsels genezen goed met fysiotherapie. Samen met een van onze fysiotherapeuten gaat u aan de slag om de mobiliteit en kracht van uw elleboog te normaliseren, zodat u uiteindelijk uw dagelijkse (sport)activiteiten weer kunt uitvoeren.